Hondensport

Op deze pagina staat een kort (maar niet volledig) overzicht van de verschillende hondensporten die met de duitse herder mogelijk zijn.

Africhting (VH, SchH en IPO)
De africhting is een vorm van hondensport die bestaat uit drie onderdelen, te weten speuren (afdeling A), appèl/gehoorzaamheid (afdeling B) en pakwerk of manwerk (afdeling C). Het VH (Verdedigingshond) programma is er alleen voor Duitse Herders en wordt bij VDH-kringgroepen gedaan. Het IPO (Internationale PrüfungsOrdnung) programma is een internationaal programma en wordt door verschillende werkhondenrassen gedaan (zoals: Belgische, Hollandse en duitse herders, dobbermann, rottweiler, bouviers en airedaile terriërs). Dit programma wordt zowel bij VDH kringgroepen als NBG kringgroepen (Nederlandse Bond van Gebruikshonden)gedaan. Het SchH (SchützHund) programma is de duitse variant van het VH programma.Al deze programma's kennen drie gradaties van moeilijkheid: VH1/IPO1/SchH1 is het "makkelijkste" en VH3/IPO3/SchH3 het "moeilijkste". Voordat een hond VH1 examen mag gaan doen is een basisdiploma nodig, het VZH diploma. VZH staat voor VerkeersZekere Hond. Hierin wordt naast het appèl ook het sociale gedrag van de hond ten opzichte van mens en dier beoordeeld.

De onderdelen:
- Speuren (afdeling A): bij dit onderdeel moet de hond een spoor uitwerken van 300 tot 800 passen waarbij het spoor 20 tot 45 minuten oud is. Op dit spoor liggen een aantal voorwerpen die de hond moet verwijzen (aangeven aan de geleider dat er iets ligt door erbij te gaan liggen/zitten of staan of te apporteren). Het spoor kan worden uitgelopen in een weiland, op een akker of in het bos. Het speuren met de hond kan nog verder getraind worden tot het behalen van een SpH 1 of 2 diploma (Speurhond).

- Appèl (afdeling B): dit onderdeel bestaat uit een aantal gehoorzaamheidsoefeningen, zoals aangelijnd en los volgen, zit en doorlopen, af en voorroepen, sta en ophalen en voorroepen. Verder moet de hond blijven liggen met afdeling en moet er geapporteerd worden. Het apporteren gebeurd met houten klossen en zowel over de grond als met een sprong over een schutting of een klimwand (A-schutting). Ook het vooruitsturen hoort erbij.

- Pakwerk (afdeling C): deze afdeling wordt door de meeste mensen het spectaculairst gevonden. Bij dit onderdeel moet eerst de pakwerker gevonden worden door het revieren van verstekken (het doorzoeken van verstopplaatsen) als de pakwerker gevonden is met de hond dit aangeven aan de geleider door te blaffen. Hierna vinden er een aantal "gevechtshandelingen" plaats waarbij de hond getest wordt op de beet in de beschermmouw, doorzettingsvermogen, moed en vechtlust en gehoorzaamheid (het op commando lossen). De gehoorzaamheid neemt dan ook een belangrijke plaats in bij het pakwerk. De oefeningen worden ook zwaarder na mate het niveau hoger wordt.

Behendigheid (Agility)
Deze vorm van hondensport is in de jaren zeventig overgewaaid uit Engeland, waar het Agility genoemd wordt. Bij deze sport is het de bedoeling om de hond een parcours met verschillende vormen van hindernissen zo snel mogelijk te laten afleggen. Het is een beetje te vergelijken met de springsport bij paarden. Er zijn verschillende soorten hindernissen, zoals: hoogtesprong, breedtesprong, tunnel, slurf, katteloop, schutting, band, tafel, muur en de slalom (paaltjes). Tijdens een wedstrijd lijkt deze sport erg makkelijk, maar het is in werkelijk een stuk moeilijker. Voorop bij behendigheid staat het samenspel tussen hond en geleider, de hond moet de hindernissen goed beheersen, maar de geleider moet door duidelijke aanwijzigingen (door commando's, lichaamstaal en gebaren) de hond over het parcours leiden. Vandaar dat een basisgehoorzaamheid ook hier van groot belang is. Behendigheid wordt door verschillende VDH kringgroepen aangeboden, maar ook de meeste kynologenclubs en hondenscholen bieden het aan.

De behendigheid is een behoorlijk belastende sport door het vele springen en het is dan ook raadzaam om met een duitse herder niet eerder dan dat de hond 12 maanden oud is te beginnen. Met 12 maanden zijn de botten, gewrichten, spieren en pezen nog niet volledig ontwikkeld maar er kan wel voorzichtig met de opbouw worden begonnen. Van te voren kan er wel gewerkt worden aan de basisgehoorzaamheid en kan de hond vast wennen aan de hindernissen.

G&G en Obedience
G&G staat voor Gedrag en Gehoorzaamheid en is de Nederlandse vorm van het Engelse Obedience. Deze cursussen worden meestal bij de kynologenclubs (kc's) gegeven.Vaak wordt er begonnen met de basiscursus elementaire gehoorzaamheid (e.g.), gevolgd door voortgezette elementaire gehoorzaamheid (v.e.g.) met daarna club G&G. Hierna volgt dan G&G 1 tot G&G 3. Verder worden er jaarlijks vele (kampioens)wedstrijden G&G gehouden.

G&G bestaat o.a. uit de volgende oefeningen: aangelijnd en los volgen, staan en betasten door de keurmeester, vooruit sturen en terug komen, op de plaats sturen, zit, af en staan op commando, "distance control"(op afstand gaan staan/zitten en liggen), apporteren, sorteren van een doek met de geur van de baas enz. Verder wordt ook de omgang baas/hond en hond/andere hond beoordeeld.

Flyball
Deze hondensport is in Amerika bedacht en wordt sinds 1985 ook in Nederland beoefend. Flyball is een teamsport waarbij twee teams in estafettevorm tegen elkaar strijden. Elk team bestaat uit vier tot acht honden. Per race lopen er steeds vier honden. Elke hond van het team moet over vier lage hindernissen springen om bij het flyballapparaat te komen. Vervolgens moet de hond met zijn poot op een schuin plankje drukken aan de voorkant van het apparaat, waardoor er via een mechanisme een tennisbal uit het apparaat schiet. De hond moet deze bal vangen en terug naar de baas brengen via de vier hindernissen. Als de hond bij de finish is dan mag de volgende hond starten totdat ze alle vier geweest zijn. Het team dat het snelste is, wint de race. Het record voor vier honden staat onder de 20 seconden. Een wedstrijd is gewonnen door het team dat als eerste twee races wint.

Door het springen geldt ook hier dat flyball een belastende sport is en dat duitse herders onder de 12 twaalf maanden hier erg voorzichtig mee moeten zijn.

Schapen drijven/hoeden
De duitse herder is van oorsprong een kuddehond, die gebruikt werd bij het hoeden en drijven van schaapskudden in Duitsland. Tegenwoordig wordt de duitse herder hier nog zelden voor gebruikt, zeker in Nederland. In Duitsland zijn nog wel verschillende honden werkzaam bij de kudden. Ook worden er in Duitsland een maal per jaar wedstrijden gehouden voor deze honden (HGH: HertenGebrauchsHund).

In Nederland en België wordt deze sport meestal door Border collies gedaan. Hierbij moet met een klein aantal schapen verschillende oefeningen gedaan worden, zoals: de kudde naar verschillende plaatsen drijven, de kudde in een omheining drijven, een schaap van de kudde afscheiden, met de kudde een bepaald parcours afleggen enz.

Het is mogelijk om de aanleg van de hond te testen voor het drijven van schapen.